Waarom een werknemer dit niet hoeft te regelen en jij wel
Wordt een werknemer ziek, dan betaalt de werkgever twee jaar lang minstens 70% van het loon door. Daarna neemt het UWV het over via de WIA. Als zzp'er heb je geen werkgever en geen WIA. Meld je je ziek, dan stopt je omzet dezelfde dag, terwijl je huur, hypotheek en zorgpremie gewoon doorlopen. Volgens het CBS betaalde 15,5% van de zzp'ers met een hoofdinkomen uit ondernemerschap in 2024 premie voor een AOV. De meesten dus niet, meestal omdat ze de premie te hoog vinden of omdat ze door een medische voorgeschiedenis niet of alleen met uitsluitingen worden geaccepteerd.
Zo werkt een AOV: de vijf keuzes die je maakt
Bij het afsluiten leg je vijf dingen vast. Samen bepalen die je dekking en je premie.
1. Het verzekerde bedrag
Het bruto maandbedrag dat je uitgekeerd wilt krijgen. Verzekeraars accepteren meestal tot 80 of 85% van je gemiddelde inkomen. Veel zzp'ers verzekeren niet hun inkomen maar hun vaste lasten: dat is goedkoper en dekt wat echt moet doorlopen.
2. De wachttijd
De periode na je ziekmelding die je zelf overbrugt: 1, 3, 6, 12 of 24 maanden. Heb je een buffer van een half jaar vaste lasten, dan kun je 6 maanden kiezen en betaal je fors minder premie dan bij 1 maand.
3. De eindleeftijd
Tot welke leeftijd de uitkering doorloopt, meestal 67 zodat hij aansluit op je AOW. Een lagere eindleeftijd is goedkoper, maar laat een gat vallen als je op je 58e blijvend uitvalt. Voor sommige zware beroepen staan verzekeraars 67 niet toe.
4. Het keuringscriterium
Bij beroepsarbeidsongeschiktheid krijg je een uitkering als je je eigen vak niet meer kunt doen. Bij gangbare arbeid pas als je geen enkel passend werk meer kunt doen. Een timmerman met een kapotte schouder kan nog achter een balie zitten: bij gangbare arbeid krijgt hij dan niets, bij beroeps-AO wel. Dat verschil zie je terug in de premie.
5. De uitkeringsdrempel
Vanaf welk percentage arbeidsongeschiktheid de verzekeraar uitkeert, vaak 25 of 35%. Ben je voor 50% afgekeurd, dan krijg je in de regel ook 50% van het verzekerde bedrag.
Wat elk van deze keuzes met je premie doet, staat op AOV-kosten voor zzp'ers. Een indicatie voor jouw situatie krijg je met de AOV-calculator.
Wat de belasting met een AOV doet
De premie trek je af in je aangifte inkomstenbelasting, als uitgave voor inkomensvoorzieningen. Voorwaarde van de Belastingdienst: je bent zelf verzekeringnemer, verzekerde en begunstigde, en de verzekering keert periodiek uit. Een premie van €200 per maand kost je daardoor netto ruwweg een derde minder, afhankelijk van de schijf waarin je aftrek valt. De keerzijde: keert de verzekering uit, dan is die uitkering belast als inkomen, net als loon.
Reken de premie daarom mee als vaste kostenpost in je uurtarief. Bij ruim duizend declarabele uren per jaar is €200 per maand ongeveer twee euro per gefactureerd uur.
De alternatieven: broodfonds, spaargeld en de basisverzekering
Een broodfonds is een groep van twintig tot vijftig zelfstandigen die elke maand inleggen en elkaar bij ziekte een schenking geven, meestal maximaal twee jaar. Het is goedkoper dan een AOV en er is geen medische keuring, maar het dekt geen langdurige of blijvende arbeidsongeschiktheid. Hoe de twee zich verhouden lees je in AOV of broodfonds.
Zelf sparen werkt voor een korte uitval, niet voor een lange. Wie twintig jaar niet meer kan werken, heeft geen buffer die dat opvangt.
De Wet BAZ moet een verplichte basisverzekering worden voor alle ondernemers in de inkomstenbelasting: 5,4% van de winst als premie, maximaal €171 per maand, een wachttijd van 2 jaar en een uitkering van 70% van je inkomen tot hooguit het minimumloon. Het voorstel ligt sinds maart 2026 bij de Tweede Kamer. De stand van zaken en de opt-out voor wie al een private AOV heeft staan op verplichte AOV voor zzp'ers.
Wat een AOV niet is
Een AOV dekt geen schade aan spullen of aan anderen; daarvoor zijn de bedrijfsaansprakelijkheids- en beroepsaansprakelijkheidsverzekering. Hij vervangt ook geen pensioen: de uitkering stopt op je eindleeftijd. En hij keert niet uit bij een lege orderportefeuille, alleen bij ziekte of een ongeval. Welke verzekeringen je verder wel of niet nodig hebt, staat op zzp-verzekeringen.
Veelgestelde vragen over de AOV
Wat betekent AOV?
AOV staat voor arbeidsongeschiktheidsverzekering. Het is een verzekering die je een maandelijkse uitkering geeft als je door ziekte of een ongeval (een deel van) je werk niet meer kunt doen. Werknemers zijn hiervoor via hun werkgever verzekerd; als zzp'er regel je het zelf of niet.
Is een AOV verplicht voor zzp'ers?
Nu niet. Er ligt een wetsvoorstel voor een verplichte basisverzekering (Wet BAZ) bij de Tweede Kamer. Daarin betaal je 5,4% van je winst met een maximum van €171 per maand, en krijg je na 2 jaar wachttijd een uitkering van 70% van je inkomen tot maximaal het minimumloon. De invoering wordt niet voor 2030 verwacht.
Hoeveel zzp'ers hebben een AOV?
Weinig. Volgens het CBS betaalde in 2024 15,5% van de zzp'ers met een hoofdinkomen uit ondernemerschap premie voor een arbeidsongeschiktheidsverzekering. De rest vangt uitval op met spaargeld, een partner met inkomen, een broodfonds, of helemaal niet.
Is de premie van een AOV aftrekbaar?
Ja. Je trekt de premie in je aangifte inkomstenbelasting af als uitgave voor inkomensvoorzieningen, op voorwaarde dat je zelf verzekeringnemer, verzekerde en begunstigde bent. Daar staat tegenover dat een uitkering belast is als inkomen.
Wat is het verschil tussen een AOV en een broodfonds?
Een broodfonds is een groep zelfstandigen die elkaar bij ziekte een schenking geeft uit een gezamenlijke pot, meestal maximaal twee jaar. Een AOV is een verzekering bij een verzekeraar die tot je eindleeftijd kan uitkeren, ook bij blijvende arbeidsongeschiktheid. Veel zzp'ers combineren beide: het broodfonds voor de eerste twee jaar, de AOV met een lange wachttijd voor daarna.
Wat is een wachttijd bij een AOV?
De wachttijd, ook eigenrisicoperiode genoemd, is de periode na je ziekmelding die je zelf overbrugt voordat de uitkering begint. Gangbaar is 1, 3, 6, 12 of 24 maanden. Hoe langer de wachttijd, hoe lager de premie. Een wachttijd van 3 of 6 maanden in plaats van 1 maand maakt de premie tot zo'n 30% lager.
Deze pagina legt uit hoe een arbeidsongeschiktheidsverzekering werkt. Het is geen advies over welke verzekering bij jou past; daarvoor kun je terecht bij een adviseur met een AFM-vergunning.