Bedrag per jaar
De zelfstandigenaftrek gaat al jaren elk jaar omlaag. Het kabinet wil zo het verschil in belastingdruk tussen zelfstandigen en werknemers kleiner maken.
| Jaar | Zelfstandigenaftrek | Startersaftrek |
|---|---|---|
| 2023 | €5.030 | €2.123 |
| 2024 | €3.750 | €2.123 |
| 2025 | €2.470 | €2.123 |
| 2026 | €1.200 | €2.123 |
| 2027 (voorstel) | €900 | €10 |
De startersaftrek was in 2023 tot en met 2026 steeds €2.123. De cijfers voor 2027 komen uit het Belastingplan 2027 en zijn pas definitief na de stemming in de Eerste Kamer.
Voorwaarden
Je hebt recht op de zelfstandigenaftrek als je aan twee voorwaarden voldoet.
- Je bent ondernemer voor de inkomstenbelasting. Dat beoordeelt de Belastingdienst op zaken als het aantal opdrachtgevers, het ondernemersrisico dat je loopt en de tijd en het geld dat je in je bedrijf steekt. Een inschrijving bij de KVK alleen is niet genoeg.
- Je voldoet aan het urencriterium. Je besteedt in het kalenderjaar minimaal 1.225 uur aan je onderneming. Offertes maken, je administratie bijhouden en aan je website werken tellen allemaal mee. Uren waarin je alleen beschikbaar was maar niet werkte, tellen niet. Was je in alle vijf voorgaande jaren al ondernemer, dan moet je daarnaast meer tijd aan je bedrijf besteden dan aan ander werk, zoals een baan in loondienst. Was je in minstens een van die jaren geen ondernemer, dan vervalt die tweede eis.
Heb je aan het begin van het jaar de AOW-leeftijd? Dan krijg je de helft: €600 in 2026. Houd je uren bij, want bij een controle vraagt de Belastingdienst om een urenregistratie.
Startersaftrek: €2.123 extra
De startersaftrek is een verhoging van de zelfstandigenaftrek voor beginnende ondernemers. Je krijgt hem maximaal drie keer in de eerste vijf jaar dat je ondernemer bent, en alleen als je in de afgelopen vijf jaar niet elk jaar ondernemer was en de zelfstandigenaftrek hooguit twee keer hebt gebruikt. In 2026 trek je als starter dus €1.200 plus €2.123 af, samen €3.323. Bij de AOW-leeftijd geldt ook hier de helft. Alle voorwaarden en wat het je oplevert staan bij de startersaftrek.
Een starter mag de volledige aftrek toepassen, ook als die hoger is dan de winst. Zo kun je in je eerste jaar een fiscaal verlies krijgen. Dat verreken je eerst met ander inkomen in box 1 in hetzelfde jaar, daarna met de drie jaar ervoor en de negen jaar erna.
Wat levert de aftrek op?
De zelfstandigenaftrek gaat van je winst af. Over de winst die overblijft wordt daarna de mkb-winstvrijstelling van 12,7% berekend. Je belastbaar inkomen daalt daardoor niet met €1.200 maar met ongeveer €1.048. Het belastingvoordeel is bovendien beperkt tot het tarief van schijf 2 (37,56%), ook als je winst in de hoogste schijf valt.
- Zelfstandigenaftrek
- €1.200
- Min mkb-winstvrijstelling (12,7%)
- -€152
- Lager belastbaar inkomen
- €1.048
- Voordeel tegen 37,56%
- circa €393
- Voordeel als starter (€3.323)
- circa €1.090
Het precieze bedrag hangt ook af van de heffingskortingen, die met je inkomen meebewegen. Bij een omzet van €60.000 en €5.000 kosten (winst €55.000) betaal je in 2026 in totaal €12.130 aan inkomstenbelasting en Zvw-bijdrage en houd je €42.870 over. Bereken het voor jouw winst.
Te weinig winst: niet-gerealiseerde zelfstandigenaftrek
De zelfstandigenaftrek is nooit meer dan je winst vóór ondernemersaftrek. Maak je bijvoorbeeld €800 winst, dan gebruik je €800 van de aftrek. De overige €400 is niet-gerealiseerde zelfstandigenaftrek. Dat bedrag mag je in de volgende 9 jaar alsnog aftrekken, in een jaar waarin je winst hoger is dan de zelfstandigenaftrek van dat jaar. Dat gaat niet vanzelf: je houdt zelf bij welk bedrag nog openstaat en vult het in je aangifte in.